|
Het zeven kleurenlied
We dansen op de regenboog met alle zeven kleuren.
Soms juich en spring je huizenhoog
en soms zit je te treuren.
Refr. Kijk, rood, oranje, geel en groen,
blauw, indigo, violet
Ja, elke stemming, elk seizoen
staat op Gods kleurpalet.
Eerst rood, de kleur die warmte geeft,
de kleur van rode rozen.
Als een paar armen om je heen,
waarvan je wangen blozen
Oranje geeft een blij gevoel
van felle lentekleuren.
Je denkt aan Koninginnedag
en wat dan gaat gebeuren.
Refr.
Bij geel zie je een helder licht,
alsof de zon gaat schijnen. Die jaagt het donker op de vlucht en laat de kou verdwijnen.
En dan wordt alles heerlijk groen, de knoppen springen open. Het teken van een nieuw begin, waarop we allen hopen.
Refr.
Soms lig je in het groene gras
en kijk je dan naar boven, dan is de lucht oneindig blauw. Wat wil het ons beloven?
Het indigo, de kleur van nacht en heel diep donker water, dat veel geheimen bergt. Wie weet….misschien voor later…
Refr.
Waar denk je aan bij violet? Alleen aan droeve dingen? Toch hoort die kleur op Gods palet, waar wij nu over zingen.
Maar als je al die kleuren draait, dan ga je wat beleven. ’t Wordt wit! Het licht dat God ons gaf om samen in te leven.
Refr.
|